Blog Image

Blogaroundtheworld

Ontmoeting met een pinguin

Reisverslag Zuid-Afrika Posted on Sun, August 05, 2012 22:51:26

Eindelijk. Eindelijk kunnen we – behalve André dan – weer een jurkje aan. Bergschoenen uit en teenslippers aan. We zijop het noordelijk halfrond. We zijn weer thuis. Eergisteren waren we nog bij de Kaap de Goede Hoop. Aan het genieten van onze laatste dag in Zuid-Afrika. De afgelopen week stond wel in het teken van de natte safari. In Hermanus hebben we nog meer walvissen gespot, maar zo mooi als de eerste dag, toen de walvis aan het springen was, is het niet meer geweest. Helaas bleven we maar één dagje bij de zeer gastvrije Wendy en Nobby in de Hermanus lodge. Na een echt Italiaans ijsje voor de lunch (natuurlijk niet zo lekker als Daan’s ijssalon) vertrekken we naar Kaapstad. We rijden de zeer mooie Clarence drive, een weg vlak langs zee en rotsen. Onderweg komen we bij Betty’s point. Hier is een pinguïn kolonie aan het broeden. Op houten vlonders lopen we langs de nestjes van de pinguïns. De jonkies hebben een hele donzige vacht. Als ze een paar maanden oud zijn, verliezen ze langzaam hun donzen vacht. Met een half jaar oud hebben ze dan een blauwgrijze waterafstotende vacht. Pas als ze twee jaar oud zijn, hebben ze de herkenbare zwart-witte vacht. Het gaat nu wat beter met de pinguïns in Zuid-Afrika. In de jaren 80 waren er nog maar heel weinig. Op drie plaatsen in Zuid-Afrika zijn er broedplekken op land.

Laat in de middag komen we aan bij de African Queen guesthouse in Noordhoek, ons laatste adresje voordat we terugvliegen uit Kaapstad. Het guesthouse wordt gerund door een Belgisch stel. We hebben een prachtige kamer en er is een grote tuin bij met een witte ezel, Oscar genaamd. De laatste twee dagen gaan we naar het Kaap de Goede Hoop nationaal park. Eerst bezoeken we het beroemde Boulders Beach. Hier zit een tweede pinguïn kolonie en kun je ook zwemmen op het strandje waar de pinguïns zijn. Ook deze keer is het weer genieten om vanaf de vlonders op Foxy beach die grappige beestjes te zien waggelen op het strand. Dan springen ze van rots naar rots en duiken het water in. Zwemmen kunnen ze als de beste met een snelheid van wel 10 km/uur. We zien de pinguïns de zee ingaan om te jagen. Als ze terugkomen, gaan ze kun jonkies voeden. Dat doen ze door de jonkies het voedsel uit hun snavel te laten pikken. Daarna gaan we naar het strandje waar je ze van dichtbij kan zien. Het is rustig vanwege het broedseizoen. Ook weinig toeristen vanwege de winter. We klauteren wat over de 500 miljoen jaar oude granieten rotsblokken en opeens staan we oog in oog met een pinguïn. Hij is niet schuw en blijft rustig staan. Luna en Dille staan op een meter afstand en bekijken de pinguïn van heel dichtbij. Wat een ervaring! Terug op het strand hebben we mazzel. Mensen van Sancop komen drie pinguïns loslaten die in het opvangcentrum geweest zijn. Ze zitten in een soort verhuisdoos. We kijken hoe de beestjes verlegen richting de zee schuifelen. Het duurt even maar dan duiken ze de zee in, op weg naar hun soortgenoten.

.

In het park gaan we naar Cape Point bij de vuurtoren. We wandelen een steil pad omhoog samen met vele toeristen. Bovengekomen genieten we van het uitzicht op de kustlijn. We zitten hoog boven de zee en opeens spotten we weer een walvis. Hier zwemmen ze dus ook langs. Het zuidelijkste puntje van Afrika voor de toeristen. In het echt ligt het zuidelijkste puntje bij Cape Agulhas, 200 kilometer ten oosten van Kaapstad. Bijzonder om hier te staan. Natuurlijk gaan we ook naar Kaap de Goede Hoop wat er vlakbij is. Daar is in 1647 een Nederlands schip vergaan en heeft de bemanning een jaar gewacht op hun redding. We maken de klassieke foto bij het bordje. Terwijl de zon al bijna ondergaat, zien we nog struisvogels en elanden. Wat een wildlife toch hier in Zuid-Afrika. We eten in Imhoff farm, een kindvriendelijk complex met een boom waar je in kunt klimmen en zwaaien aan een touw als Tarzan of Jane. De volgende dag, helaas met wat minder weer, gaan we een echte wandeling maken in het park. Vanaf Olifantsbos lopen we de shipwreck trail. Door lekker ruikend struikgewas en langs een rotsige kust lopen we naar de oude scheepswrakken toe. We spotten zowaar nog een zeehond in de branding. Er zijn bij de Kaap heel veel schepen vergaan vroeger. Veel wrakken zijn weggespoeld, maar hier liggen er nog twee.Na 2,5 uur zijn we weer terug bij de auto. We moeten weer terug. Opeens remt André. Hij ziet een bontebok. Dit is een antilope soort die we nog niet gezien hebben. De bontebok is echt prachtig gekleurd. Wat super dat we op onze laatste dag nog een nieuw dier spotten. Na het avondeten gaan we ons klaarmaken voor de vlucht. Alles is gepakt. We rijden richting het vliegveld. Als we vanaf een pas naar beneden rijden zien we opeens honderdduizend lichtjes onder ons. Wat prachtig. Onze vlucht vertrekt half twaalf ’s avonds. Dille heeft altijd hele grappige uitspraken in het vliegtuig. Het woord ‘landen’ zit nog niet goed in haar vocabulaire, dus vraagt ze steevast wanneer we gaan neerstorten als de landing wordt ingezet. Als de purser nu omroept dat dit de vlucht naar Amsterdam is, kijkt Dille verschrikt naar André. “maar papa,het vliegtuig gaat niet naar Linschotenâ€.Luna valt nog tijdens de start in slaap en wordt pas half negen de volgende ochtend wakker, als we er al bijna zijn. Ook Dille slaapt prima. Wat een fijne vlucht is dit. Geen tijdsverschil, geen jetlag en ’s ochtends aankomen. Onze reis zit er weer op. 3738 kilometer gereden. Vijf Nationale Parken bezocht. Veertien verschillende overnachtingsplekken. Teveel dieren om op te noemen.Zuid-Afrika heeft wel ons hart gestolen. We willen zeker nog een keer terugkomen. Al is het alleen maar om de Big Five compleet te maken…



Struisvogelsprint

Reisverslag Zuid-Afrika Posted on Tue, July 31, 2012 23:29:40

“Ik zie een walvisâ€, roept Dille van de achterbank. We rijden in Hermanus. Na onze mislukte walvis excursie in Plettenberg bay, denk ik dat ze een grapje maakt. Waarschijnlijk ziet ze een standbeeld van een walvis. We stappen uit de auto en even later gilt Luna: “mama, daar springt een walvisâ€. Verdorie, de meiden hebben gelijk. Vlakbij de kust verheft een walvis zich uit het water en met een hele grote plons laat hij zich vallen. Wat is dit mooi! De walvis (southern right whale) zwemt langzaam de baai uit. We rennen langs het clifpath met ‘m mee. De walvis is erg actief en laat tientallen mooie sprongen zien. Samen met andere toeristen gillen we van enthousiasme.

Hermanus zijn we dus. Het beste “land-based whale watching centreâ€. Tussen juni en december komen hier de walvissen paren en baren. Als de walvis baby’s in december zo’n vier maanden oud zijn, migreren ze weer verder. Het einde van onze eigen reis is nu bijna in zicht. Waarschijnlijk is dit onze laatste blog vanuit Zuid-Afrika. De afgelopen week kende weer vele hoogtepunten. Eerst hebben de meiden bij The Old Drift farm huilend afscheid genomen van de drie honden. We hebben gezien hoeveel plezier ze met de honden gehad hebben. In een vlaag van ‘verstandsverbijstering’ zeggen we de meiden toe dat ze in Nederland dan een hamster mogen als huisdier. Inmiddels heeft Luna dit al gekrabbeld op Hyves aan haar hartsvriendin Maartje, dus we kunnen eigenlijk al niet meer terug…

Onze volgende stop is Tsitsikamma nationaal park. We stoppen onderweg in St Francis, omdat ik gelezen heb dat ze daar een pinguïn opvangcentrum hebben. Helaas kunnen we de zieke pinguïns vanwege quarantaine niet van dichtbij zien. Vlakbij het opvangcentrum is een vuurtoren. We klauteren wat langs de rotskust en al snel ziet Luna mooie schelpen liggen in de vele rotspooltjes. Na een uur zoeken, hebben we een grote tas met prachtige venusschelpen, groene zee-egels en andere schelpen verzameld. Ongepland en zo leuk.

We slapen nu drie nachten in Storms River rest camp, gelegen aan een woeste rotskust. Ons huisje staat ongeveer 20 meter van de zee vandaan. Golven beuken op de rosten. ’s Nachts lijkt het soms op onweer. Hier hebben we onze eerste verregende dag. Gelukkig is ons huisje erg comfortabel en voor het eerst met TV en kinderkanalen. De meiden vermaken zich dus prima. We gaan lunchen in Marilyn’s café waar we heel toevallig een collega van André tegenkomen. Laat in de middag wordt het iets droger en maken we de bekende wandeling naar de suspension bridge (een wiebelige hangbrug van 200 meter breed). Hier komt de Storms River in de zee uit. Door de eb en vloed rollen de stenen met veel geweld heen en weer in de riviermonding. Wat een natuurgeweld. Vlakbij ons huisje zit een prima restaurant. Beter dan in Kruger NP. De volgende dag is het droger en beginnen we met een wandeling langs de kust. Het is een deel van de zogenaamde Otter trail. Een prachtige wandeling van vijf dagen door ongerepte natuur. Deze hele trail moet je een jaar van tevoren boeken. We fantaseren dat we dit graag met de kinderen zouden willen doen als ze ouder zijn.. Al snel zien we dolfijnen vlakbij de branding spelen in de golven. Het blijken een paar grote groepen bottlenose dolphins te zijn. Het wandelen wordt nu turen naar de zee. Wat een natuur hier. In de verte zien we af en toe wat witte rookpluimen. Zouden dat soms walvissen zijn?

’s Middags hebben we een zogenaamde canopy tour geboekt (samen met paardrijden toch wel één van de tradities van onze reizen). Na een safety briefing gaan we een bos in met zogenaamde yellowwood trees. De platformen zijn op wel 30 meter hoogte bevestigd aan deze sterke – soms wel 800 jaar oude – immense bomen. Het remmen gaat hier met de hand, daarom heb je een stevige handschoen aan. Luna mag alleen en vindt het best spannend. De langste zipline is 95 meter lang en dan ga je best hard. Gelukkig is er ook een backup rem systeem. Dille gaat met de gids, maar mag drie langzame lines helemaal alleen. Ze is apetrots. Na twee uur zijn we allemaal weer veilig beneden en krijgen de meiden zelfs een diploma!

De volgende ochtend is het prachtig weer. Beppe is jarig, dus gaan we haar in het restaurant (waar wifi is) over de skype feliciteren. We genieten nog even van dit prachtige park. De meiden achtervolgen nog een laatste keer de klipdassies (een soort marmot en verre familie van de olifant). Dan moeten we weer weg want we hebben een walvisexcursie geboekt in Plettenberg Bay. Met zwemvesten aan nemen we plaats in een boot van 30 personen. We worden de zee in gelanceerd. De kapitein waarschuwt dat ‘some people may get wet’. Nu dat heeft hij niet te veel gezegd. De voorste rijen zijn kletsnat. Gelukkig zitten wij achter aan. De meiden hebben het gevoel in een Efteling attractie te zitten en vonden de lancering wel leuk. De zee blijkt erg ruw. Er is een behoorlijke swell en veel wind. Bij de robberg zien we een kolonie zeehonden. Honderden bij elkaar. De boot schommelt heen en weer. Opeens herinneren we ons dat Dille nogal snel zeeziek is. Het was ons even ontschoten…. Al snel voelt de kleine meid zich erg beroerd. En met haar wel meer medepassagiers. Uiteindelijk gooit ze haar hele ontbijt eruit en gaat het wel weer een beetje. Het zoeken naar walvissen loopt niet voorspoedig. Doordat de zee zo ruw is, kun je kenmerkende spuitpluimen niet goed zien. Na 1,5 uur keren we terug. Jammer maar helaas. De terugweg naar het strand is weer spectaculair. Met 50 km/uur wordt de boot het strand op gelanceerd waarna de boot in 15 meter tot stilstand komt. We moeten ons goed vasthouden. Als Dille even later aan de wal staat, spreekt ze plechtig de volgende woorden uit: “ik ga nooit meer op een bootexcursieâ€â€¦

Om nog een goede ervaring te hebben, stoppen we even later in het Knysna elephant park. Hier kun je de olifanten voeren en aanraken. In tegenstelling tot Maleisië waar we ook olifanten gevoerd hebben, lopen hier negen olifanten vrij rond. Samen met een gids lopen we wel 1,5 uur met zijn vieren door het veld. De gids geeft aan of we een olifant mogen aanraken. De meiden mogen een slurf omhelzen. Luna mag zelfs onder slurf gaan staan. We raken de grote en de kleinere olifanten aan. Wat een warme en ruwe vacht. We voelen de slurf, de oren. De gids vertelt van alles. Wat een prachtige en intieme excursie en wat een mooie beesten. Na deze ervaring wordt in de shop onze knuffelverzameling uitgebreid met een olifant.

We slapen nu twee nachten in Knysna aan de zogenaamde Tuinroute. We slapen in een koud huisje. Dit is de eerste plek waar we een elektrische deken hebben. Een groot feest voor de meiden, die nu met veel plezier hun bed induiken. André heeft er last van dat hij ons tweepersoons elektrische deken niet apart kan regelen en voelt zich een sukade lapje op een braai, terwijl ik aan het genieten ben van de warmte.. De volgende ochtend doen we weer een township Tour. Onze gids is Emil van eko-afrika tours. De tour geeft een mooie verdieping op onze vorige tour. Emil is een bevlogen gids, die vol vuur vertelt over ongelijkheid, politiek, mentaliteit en misstanden. We leren het verschil tussen de Mandela en Mbeki huizen in de townships. We bezoeken Lorraine, een gescheiden moeder van 45 met al kleinkinderen. Ze laat ons haar kleine huisje zien. Ze vertelt dat de werkloosheid hoog is. Er komen veel immigranten uit Zimbabwe en Mozambique die voor een derde het werk van de Zuidafrikanen doen. Ondanks haar zorgen, heeft ze een heerlijke lach en vertelt ze over haar jongste dochter van 14 die onlangs miss Oyster is geworden van Knysna. Ons volgende stop is bij een zogenaamde zwarte pre-school voor kinderen van 0-6 jaar. Gerund door Cynthia, die geen steun krijgt van de overheid. We zien hier zo’n 50 kinderen vrolijk samenzijn in twee kleine ruimtes van 30 vierkante meter. Er wordt gezongen en het alfabet geleerd. Luna en Dille kijken er verlegen naar. We zien veilige en minder veilige townships. Op straat vertelt een Ghanese vrouw die een tailorshop heeft in één van de vele containers, dat er veel crime is. Onlangs is haar buurman neergestoken en beroofd. Wat een leven hier…

Vandaag weer een lange reisdag gehad van Knysna naar Hermanus. We hebben een omweg gemaakt via Oudsthoorn omdat we graag een struisvogelboerderij wilden bezoeken. Luna en Dille luisteren nieuwsgierig tijdens de excursie. Over de sterke eieren waar je op kunt staan, over de verschillende veren die veel geld opleveren (en de reden zijn voor de rijkdom in dit gebied de laatste paar honderd jaar) en de huid waar mooie leren producten van gemaakt worden. Hoogtepunt is wel dat we op de struisvogel mogen zitten en Luna en Dille ook mogen rijden. We zijn samen met twee andere Nederlandse families. Luna zegt dat ze wel als eerste wil. Ze wordt op de struisvogel geholpen. Ze zit met haar benen onder de veren en moet zich met haar handen stevig vasthouden aan de schouders van de struisvogel. En dan sprint ie weg. We schrikken ons rot. Die vogel sprint wel met 30 km/uur weg. De gids rent er achteraan en houdt de struisvogel vast. Luna ziet er geschrokken uit en valt er na het tweede rondje bijna af. De andere families zijn ook verrast en hun pubermeisje durft niet zo goed meer. Dille zegt dat ze nog wel wil en houdt zich heel stevig vast. Wat zit ze stabiel. Achteraf vonden Luna en Dille het allebei super stoer en spannend. De snelheid heeft Luna verrast en ons ook. In de shop wordt nu natuurlijk nog een struisvogel knuffel gekocht als herinnering.



Stoeien met de welpen

Reisverslag Zuid-Afrika Posted on Wed, July 25, 2012 23:14:25

Luna en Dille mopperen. Dit pad is veel te makkelijk. Dat is saai. We wandelen in het Nationaal Park Drakensbergen vanaf Monk’s Cowl. Het is een wandeling van zo’n 3 a 4 uur naar een waterval toe. De meiden zijn niet zo gemotiveerd. Pas als we een rivier passeren waar ze op rotsen kunnen klauteren, zijn ze weer energiek. Ze hebben duidelijk uitdaging nodig. Dat krijgen ze bij de Nandi Falls. Via een klein, beetje glibberig paadje, kunnen we achter de waterval langs klimmen. Dat is bijzonder. Nu in het droge seizoen, is het een rustige waterval, maar in de zomer moet dat erg indrukwekkend zijn. Op de terugweg horen we veel vogels. Luna spot zelfs een kleine schuwe bushbuck.

Terug op de boerderij, gaan de meiden weer lekker op de trampoline. Wij maken vast plannen voor de volgende dag. In de verte zien we brandend grasland. We vragen Paul, onze gastheer of dat gevaarlijk is. Het blijkt dat alle boeren hier zelf – omwille van de vruchtbaarheid – op doordeweeks dagen hun gronden mogen verbranden. De boeren zijn dan tevens ook brandweerman. De overheid zorgt daar niet voor. We hoeven ons geen zorgen te maken. Tijdens het eten worden we gewaarschuwd dat er de volgende dag van 5:00 ’s morgens tot zeven uur ’s avonds geen elektriciteit is in de hele regio vanwege onderhoudswerkzaamheden. Snel laden we nog wat van onze electronica op. ’s Ochtends vroeg roept Luna van beneden. Het is zo donker in ons huisje nu dat ze de weg naar onze kamer niet kan vinden. Gelukkig hebben we een zaklamp klaargelegd. Deze dag beginnen we om half elf met een roofvogelshow. We zien een ondeugende valk (die niet terug wil komen), een uil en een zeer grote visarend. De show wordt gehouden bij een opvangcentrum voor (zieke) vogels. Streven is om alle vogels weer terug te zetten. Met de dagelijkse show geven ze de vogels routine en de nodige vlieguren. Na een heerlijke lunch in het (dure) Drakenburg Sun hotel, gaan we paardje rijden. Dit wordt inmiddels al traditie tijdens onze vakanties. Dille gaat weer bij papa voorop en Luna alleen. We maken een mooi rondje met in de verte de bergen. De paarden gedragen zich voorbeeldig tot op het einde Senta’s paard Luna’s paard (Annabel) bijt. Annabel trapt naar achteren en springt vervolgens naar voren. Luna reageert heel adequaat en trekt hard aan de teugels. Annabel blijft gelukkig staan. Rustig vervolgen we de route.

De volgende dag staan we om zes uur op. We moeten om twaalf uur onze binnenlandse vlucht halen in Durban en willen geen risico nemen met eventuele files. Gelukkig gaat de reis voorspoedig en zijn we al om half tien op het vliegveld. Met 18 mensen zitten we in een klein vliegtuigje. Het is een korte vlucht met een mooie landing boven de baai van Port Elizabeth, de plaats waar Nederland twee jaar geleden won van Brazilië. Bij AVIS halen we onze nieuwe auto op, een Toyota Corolla Luxe deze keer. We zijn allemaal weer erg benieuwd hoe ons nieuwe huisje eruit ziet. Dat is wel het leuke aan zo rondreizen. Je komt steeds in een nieuwe omgeving terecht. De meiden vinden het elke keer ook erg spannend en het is ons deze vakantie nog niet één keer tegengevallen. Ook deze keer niet. We komen na een klein uurtje rijden aan in The Old Drift farm, vlakbij Addo Elephant national park. We worden verwelkomd door drie honden (Pumba, Timon en Mufasa). De honden houden wel van aandacht en dat krijgen ze zeker van Luna en Dille. André gaat bijna twijfelen of we ook niet een hondje zouden moeten nemen. Onze gastvrouw Lize brengt ons naar het huisje. Weer ruim en gezellig en – niet geheel onbelangrijk – met verwarming. Nadat de meiden afscheid hebben genomen van de honden, rijden we nog even voor zonsondergang het park in. Met onze Wild Card kunnen we zo naar binnen. We zien meteen weer een jakhals, buffalo en natuurlijk olifanten in de verte. Wat is safari toch leuk. De volgende dag gaan we naar Daniell’s cheetah breeding centre. Een opvangcentrum voor cheetah’s en andere katachtigen. We hebben gehoord dat je hier een cheetah kunt aaien en dat willen we wel. We worden rondgeleid door Vicky. Eerst zien we stokstaartjes die de meiden mogen aaien. Daarna lopen we langs cheetah’s, een serval en caracal. Vicky vertelt hoe boeren jagen op deze dieren. Deze zijn niet tam en zullen weer uitgezet worden. Maar daarna mogen we bij een hek naar binnen. Dit is het domein van Ola, een tamme vrouwtjes cheetah van 6 jaar oud. Best spannend. Ze ligt languit op de grond. Langzaam komen we dichterbij. Om de beurt mogen we Ola gaan aaien. Ze spint als een grote kat en heeft het dus naar haar zin. Eerlijk gezegd vind ik het toch best een beetje spannend om zo’n cheetah te aaien. Bij Dille en André draait ze zich ook plots om. Dille schrikt even, maar gilt niet. Wat een prachtig beest. Na zo’n tien minuten gaan we weer naar buiten en zegt Vicky dat ze tot slot nog een verrassing voor ons heeft. Ze loopt een hok binnen en roept twee namen. Even later komen er twee welpjes tevoorschijn. Ze zijn twee maanden oud en super schattig. We mogen ze aaien. Wel bijten ze af en toe en dat doet best pijn. Hun tanden en kaken zijn iets scherper en sterker dan die van een hond. Luna is erg stoer als één welpje in haar broek en fleece bijt en om haar heen stoeit. Wat een mooie ervaring. We bedanken Vicky en geven een flinke donatie aan het centrum dat zo’n goed werk doet.

Hierna gaan we weer het park in. Op zoek naar nog meer olifanten en die vinden we. Met prachtig avondlicht zien we een hele kudde dichtbij. Er zijn ook meerdere baby olifanten bij. We zien zelfs een wat grotere olifantje bij zijn moeder drinken. Als de moeder vervolgens – volgens onze meiden dreigend – richting onze auto komt aan gelopen, rijden we snel een stukje verder weg. Olifanten zijn immers heel sterk en je moet ze niet kwaad maken. Ook in dit park zijn plekken waar je uit de auto mag. Ik verwonder me dan wel over de bijzondere waarschuwingsborden. “You can get out of your car, but be careful with the lionsâ€. Het doet me denken aan het bordje op het strand een paar dagen terug. “Shark safety measures have been installed at this beach. Avoid swimming at dawn and dusk when the risk of shark attack is greaterâ€. Dit soort borden kom je in Nederland toch niet tegen….

Na alle natuur en dieren avonturen, willen we ook nog graag cultuur oppikken. We hebben een halve dag excursie geregeld om townships te bezoeken in Port Elizabeth. We doen dit via Calabash tours, een organisatie die scholen en craftprojecten in de townships subsidieert. Nelson is onze enthousiaste gids. Hij vertelt over de geschiedenis van Zuid-Afrika en Port Elizabeth, de invloed van de Nederlanders en de Britten, de apartheid, Nelson Mandela en de eerste vrije verkiezingen in 1994. De townships zijn indrukwekkend. Soms zijn het echte krottenwijken zonder elektriciteit, zonder WC, met maar één waterpunt per 200 mensen. Soms zijn het – door de overheid gebouwde – stenen huisjes met prepaid elektriciteit en een stenen toilet. De overheid probeert alle mensen uit de krottenwijken, vaak gebouwd op vuilnisplaatsen, weg te krijgen, maar dit gaat zeer langzaam en moeizaam. Nelson woont zelf nog in een township en vertelt over de saamhorigheid die er is. Ook vertelt hij over de rituelen van de Xhosa, een belangrijke stam in Zuid-Afrika. Tenslotte bezoeken we een basisschool. We worden rondgeleid door het plaatsvervangend hoofd. Trots vertelt ze over haar school met 986 leerlingen. We mogen een paar klassen bekijken en worden overal warm onthaald. Luna en Dille zijn verlegen door alle aandacht, maar vinden het wel heel interessant. De cijfer en letterposters in de kleuterklas lijken best op die in Nederland, behalve dat ze hier zebra’s en leeuwen als plaatjes gebruiken!



Bijna de Big Five

Reisverslag Zuid-Afrika Posted on Fri, July 20, 2012 21:05:38

Vlak voor de landing wordt de temperatuur omgeroepen in Johannesburg: 8 graden Celsius. Dat is niet veel. Zodra we afgezet worden in het Emerald guesthouse, voelen we dat ook. Snel trekken we onze fleece aan. Bibberend zitten de meiden in de kamer. Onze zomervakantie is begonnen! Na een nachtje diep onder stoffige dekens, kunnen we met daglicht bekijken waar we zijn. Het is een guesthouse vlakbij het vliegveld. Er is een grote tuin bij, twee zwembaden en een aftands speeltuintje. De meiden vermaken zich opperbest. De safari is al begonnen zodra ze een konijn hebben gespot en een vlinder uit het zwembad hebben gered. De zon breekt langzaam door en in het zonnetje is het best lekker. Het personeel zet langzaam hun mutsen af. Na lang wachten – dit is Afrika – wordt onze auto (een Honda accord) gebracht. Er staat nog een lange reisdag te wachten richting Blyde River Canyon. De weg is van prima kwaliteit. Het landschap is uitgestrekt. We passeren steengroeves, plantages en fabrieken. De zwavelfabriek wordt door Dille bestempeld als een bloemkool fabriek (“daar maken ze bloemkoolâ€). We slapen hier in de Thaba Tsweni lodge. We hebben een prachtig (wintersport) chalet met openhaard. ’s Avonds met een fles Zuid-Afrikaanse wijn erbij, is het genieten.

De volgende dag verkennen we de Blyde River Canyon. Na onze uitleg wat een canyon is, concludeert dat Luna dat het dus een omgekeerde berg is. We maken een lange wandeling, soms steil naar beneden, klauterend over stenen, door dichte begroeiing. We moeten oppassen voor de boom met de harde doornen, die soms dwars over het pad hangt (“Doornroosje bosâ€). Beneden bij een zijrivier keren we om en klauteren we weer omhoog. De meiden zijn niet moe en rennen voor ons omhoog. Een prachtige wandeling!

De volgende dag gaan we naar het Kruger Park. We zullen hier vijf nachten blijven in zogenaamde rest camps. In Kruger Park mag je zelf met de auto rijden (een soort Beekse Bergen dus). Alleen is het zo’n 650 km lang en 60 km breed. Ook hier geldt dat je nooit je auto uit mag, behalve op plekken waar dat speciaal staat aangegeven. De meiden zijn opgewonden. Zouden ze dan echt giraffen en andere dieren in het wild gaan zien? Bij Phalaborwa gate gaan we het park in. We kopen een family Wild Card. Hiermee kunnen we het Kruger Park en andere Nationale Parken in. Ook kopen we al twee T-shirts voor de meiden van het Kruger Park, met – jullie raden het al – een giraf erop. We kiezen een dirt road en na ongeveer een half uur rijden stond er een jakhals voor onze neus, even later volgden de giraffen, een imposante olifant op zo’n 30 meter afstand en daarna een zebra met haar jong. Wat een mazzel! Tenslotte zien we in een klein meertje nog een enorme kudde buffels heel dichtbij. We hebben al twee van de Big Five (buffel, olifant, leeuw, neushoorn en luipaard) gespot, terwijl we pas een uur in het park zijn.

Ons eerste rest camp is Letaba. Dit ligt mooi boven een rivier. Tot onze verrassing, hebben we een hutje/rondavel met één van de mooiste uitzichten over de rivier. We zien de impala’s in de verte. Er zijn veel vogels – ook door de aanwezigheid van het restaurant vlakbij – hertjes en eekhoorns. De meiden genieten. We eten in het Tree restaurant. Het menu lijkt redelijk. Wat we toen nog niet wisten, is dat alle rest camps hetzelfde menu hebben en dat groente schaars lijkt. Als we kip, patat en sla bestellen, krijgen we een half schijfje tomaat en één blaadje sla. In Nederland zou je het garnering noemen. Gelukkig hebben we vitaminepillen mee.

Als we de volgende ochtend half acht wakker worden, merken we dat we de laatste zijn. Het ritme in Kruger Park is duidelijk anders. De beste tijd om dieren te spotten is ’s ochtends vroeg of later in de middag. Na het ontbijt vertrekken we naar ons volgende rest camp Olifants. Het is maar 30 km rijden. Echter in Kruger is de maximale snelheid op een asfaltweg 50 km/uur en een dirt road 40 km/uur. Gemiddeld haal je een snelheid van 20 km/uur als je het dieren spotten mee telt. We kiezen een mooie route uit langs de rivier. Het is immers winter en erg droog. Dit is het beste seizoen om dieren te spotten. De begroeiing is laag en de dieren komen vaak naar de rivieren of waterpunten toe. Ondanks dat we dus niet op het goede tijdstip op weg waren, zien we toch nog heel veel: nyala, waterbuck en het leukste: twee stoeiende nijlpaarden in de rivier.

Olifants rest camp is zowat nog mooier gelegen dat Letaba. Hoog boven een bocht in de rivier. Beneden ons een patchwork deken van oranje, rode en roze vulkanische stenen. Voor de volgende ochtend boeken we een zogenaamde morning drive met een guide. Van half zes tot half negen. Kwart over vijf verzamelen in het donker. Dat is even schrikken als de wekker om 4:55 uur afgaat.. we hebben mazzel. Er zijn nog maar twee andere mensen bij, dus genoeg dekens over om ons warm te houden, want koud is het in de hoge open jeep waar de wind dwars door je heen blaast. Eric, gewapend met een geweer is onze guide. Met twee spotlights zoeken we naar dieren. Een kleine genet cat. En dan opeens voor ons op een grote hoop aarde een grote groep leeuwen. We zagen wel zes vrouwtjesleeuwen en wat kleine welpen. Ze lopen voor onze jeep uit en verdwijnen na een paar minuten in het donker. Wat een ervaring.

Langzaam aan komt de zon op. Eric ziet een groep hyena’s. met een hyena lokroep op zijn mobiel, maakt hij de hyena’s nieuwsgierig. Ze dralen om onze jeep heen. Ook hier weer een paar kleintjes erbij. Met het jankende hyena gehuil een mystieke ervaring. Nu gaat de morning drive verder in het licht. Eric blijkt een goede guide te zijn. Op grote afstand ziet hij drie neushoorns lopen. Met de verrekijker kunnen we ze goed zien. Ook hier weer een kleintje dat achter zijn moeder loopt. Bij een riviertje zien we nog twee fel gekluerde saalbek ooievaars. Als klap op de vuurpijl liggen er aan het einde van onze drive drie leeuwen op de weg. Twee vrouwtjes en een jonge mannetjesleeuw. Langzaam rijden we dichterbij totdat we op twee meter afstand genaderd zijn. De mannetjes leeuw kijkt naar ons. Eric vraagt ons geen geluid te maken. Even later staat de leeuw op en loopt ie weg. Wat was dat dichtbij! We bedanken Eric voor deze fantastische morning drive.

Tijd om te ontbijten en daarna in te pakken. Onze reis gaat nu naar Satara rest camp, één van de grotere rest camps in Kruger. De reisafstand is nu 50 km, maar we nemen weer volop de tijd. Hoogtepunt was dat we op een brug over de rivier mochten uitstappen en krokodillen, schildpaden, een leguaan en heel veel vogels zagen. Satara is groot en minder mooi gelegen. Wel hebben we ze een amfitheater buiten waar ze ’s avonds om zes uur in het donker een wildlife film vertonen. We blijven hier twee nachten. De eerste avond zien we een prachtige film over de cheetah. De tweede avond gaat het over een groep leeuwen die leeft nabij een rivier met veel krokodillen. Sinds het begin van de vakantie heeft Dille lopen zeuren dat ze wil zwemmen. Het helpt niet veel als we zeggen dat het koud is. In Satara is het overdag nog redelijk warm (max 27 graden), dus gaan we een poging wagen. Enthousiast lopen de meiden in hun bikini naar het zwembad toe. We zijn de enigen. Het water is ijskoud. De meiden laten zich niet kennen en zwemmen twee rondjes en komen er dan weer klappertandend uit. Ze dagen ons uit ook een baantje te zwemmen. De temperatuur lijkt mij vergelijkbaar met dat van een dompelbad met het verschil dat ik niet net uit een dampende sauna kom. Toch zwemmen André en ik ook een baantje en dan douchen we ons vieren warm af in ons huisje. Het heeft wel geholpen, want Dille vraagt nu niet meer om te zwemmen.

In Satara gaan we gewoon weer zelf op pad. Luna blijkt inmiddels een geoefende safariganger. Van veraf herkent ze verschillende zoogdieren en vogels. Ze heeft ook echte haviksogen, want het is Luna die in de verte een neushoorn spot, terwijl wij eerder dachten aan een steen of een olifant. Als we dan de verrekijker pakken, zien we dat ze gelijk heeft. Steevast antwoordt Luna dat ze één of ander beest gezien heeft bij “De dodelijkste 60†een jeugdprogramma van Nederland 3. Daar steken ze dus onopgemerkt toch veel van op. Dille haar spanningsboog is echter wat kleiner, zeker als we zo’n zeven uur per dag in de auto zitten om dieren te spotten. Dus mag ze op de nintendo en terwijl wij druk bezig zijn een luipaard (de laatste van de Big Five) te spotten, horen wij enthousiast “een jaguar†op de achterbank. Dille speelt een spelletje van Diego op safari….

Ons volgende en laatste rest camp is Lower Sabie, 93 km rijden. Bij Orpen Dam uitzichtspunt, mogen we uit de auto. Onder ons zien we verschillende kuddes olifanten die door de rivier waden of terug naar de savanne gaan. Het zijn er wel vijftig totaal. Het is prachtig om deze immense beesten door de verrekijker te observeren. Hoe de kleintjes meelopen met de groep. Hoe ze met hun slurf takken afbreken en blaadjes opeten.

In Lower Sabie reserveren we een afternoon game drive van 16:30 tot 19:30. Samen met 15 anderen zitten we weer in een open jeep. Deze keer hebben we allemaal een extra laag aangetrokken. Onze guide Sunnyboy heeft er zin en vertelt veel over de dieren. Al snel zien we leeuwen, neushoorns, buffalo’s en olifanten in de verte. Luna vraagt of er een kans is dat we een luipaard gaan zien. Sunnyboy antwoordt: “100 %â€. Na 3,5 uur blijkt hij toch te optimistisch geweest. Weer de Big Five niet compleet. Terug in het restaurant vertelt de ober doodleuk dat er met de schemering een luipaard onder het restaurant is doorgelopen. Balen dat we dat gemist hebben! Gelukkig krijgen we later tijdens onze reis een herkansing in Addo elephant national park waar ook luipaarden zijn. De volgende ochtend willen we nog even genieten van het park. Inmiddels hebben we al zoveel beesten en vogels gezien dat het teveel is om op te noemen in deze blog. De foto’s komen in Nederland wel op de website. Het meertje vlakbij blijkt een vogelparadijs. We zien een visarend die een vis vangt, maar ook een groep ooievaars en reigers die meeliften op een stel luie nijlpaarden.

Krokodillen zitten er natuurlijk ook en af en toe komt er een groep impala’s of zebra’s drinken. Echt een plek om rustig te blijven kijken. Verder op de weg waarschuwt een tegenligger dat er een groep leeuwen aan de overkant van de rivier op de rotsen ligt. Ik zie al snel vijf lui liggende vrouwtjes leeuwen. Als André door de verrekijker kijkt, ziet hij echter een mannetjes leeuw zitten en welpjes rondlopen. We bleken allebei iets anders te zien. Het blijkt dus een groep van tien leeuwen te zijn. Helaas moeten we Kruger Park dan echt verlaten door de Crocodile Bridge Gate. De rit naar onze volgende plek in Swaziland is nog lang. Luna en Dille zijn verbaasd over de grensperikelen. We moeten verschillende gebouwen in aan weerszijden van de grens die gemarkeerd wordt door een groot hek. Onze paspoorten zijn weer twee stempels rijker. André legt uit dat dit vroeger in Europa ook zo ging.

We rijden over een nieuwe weg in Swaziland. Wat opvalt, is dat hier geiten, koeien en ezels naast en soms op de weg lopen. Oppassen dus. De weg lijkt wel een soort magneet in het landschap. We zien veel mensen die erop wandelen, met elkaar kletsen in groepjes. De weg als levensader. Vlak voor het donker komen we aan bij onze bed&breakafast, Malandelas. Wat een oase in de drukke omgeving. Ons huisje is kleurrijk en overal is lokale Afrikaanse kunst in verwerkt. Op de bedden van de meisjes liggen gouden kussens, dus dat wordt heerlijk slapen. Volgens de Lonely Planet heeft het bijbehorende restaurant het beste eten van Swaziland. Helaas voor de kinderen bleek het curries night. Dat konden ze niet zo waarderen. Wij hebben wel heerlijk gegeten J De volgende ochtend doen we lekker rustig aan. De meiden verkennen de grote tuinen rondom ons huisje. Gekoppeld aan de B&B is een craft organisatie die zich richt op de ontwikkeling van vrouwen. De opbrengst komt dus goed terecht. We kopen een paar mooie souvenirs.

Rond half twaalf gaan we op weg. Terug langs Manzini, de twee na grootste stad van Swaziland. We zijn nog erg relaxed door ons heerlijke verblijf, als er plots voor ons geremd wordt op de tweebaansweg. André remt op tijd, maar het busje achter ons niet. Andre probeert nog uit te wijken, maar het busje ramt ons rechtsachter. Wat een schrik. Gelukkig hebben we niets. We gebaren dat het busje naar de kant komt en vragen hem de politie te bellen. Onze rechterachterkant is behoorlijk gedeukt en de lampen doen het niet meer. De meiden vinden het heel spannend. Al snel komt de politie, vijf man sterk. De chauffeur van het busje (met scholieren die naar een sportwedstrijd zouden gaan) zegt dat het onze schuld is omdat wij van rijbaan zouden hebben gewisseld. Het lijkt erop dat de politie dat niet gelooft (dan zouden we in de flank geraakt zijn) en aan onze kant staat. Nadat alle gegevens genoteerd zijn en er een verslag is gemaakt, moeten wij achter de politie aanrijden in verband met de vrijwaring van de auto. Op het politiebureau zijn we ook even bezig. Ik houd de meiden bezig en klets met een politie agent die graag een Nederlands speculaasje wil proeven. Inmiddels ook contact met AVIS gehad. Op het vliegveld van Manzini (heel vlakbij) kunnen we onze auto omruilen. Dat is een meevaller. Twee uur later gaan we – met de schrik nog in de benen – weer op weg in een iets kleiner Hyundai Accent. Door deze tegenvaller komen we niet meer voor donker aan in ons volgende hotel. Iets wat wel altijd ons streven is. Met wat coaching door de receptioniste door de telefoon, zijn we uiteindelijk half acht ’s avonds in Sodwana Bay in Zuid-Afrika. Blij dat we aangekomen zijn.

We slapen nu in een resort met half pension. Het is een groot complex. Het restaurant vlakbij onze bungalow zit vol. Gelukkig voor de meiden staan nu de drie p’s op het menu: pasta, pizza en patat. Want de meiden zijn kieskeurig. Met name Dille lust weinig, alhoewel we er wel achter gekomen zijn dat ze de bacon bij het English breakfast erg lekker vindt…We blijven hier lekker drie nachten. Opeens horen we regen op het dak. De eerste regen sinds we in Zuid-Afrika zijn. En naar blijkt, de eerste regen sinds maart voor deze regio. De duikcondities – de reden van ons bezoek – zijn daardoor helaas wat slechter. De eerste dag maken we een natuur wandeling met Jabulani. Eigenlijk was het een vogelwandeling, maar door de wind zijn er geen vogels. Dus leren we over de bomen en planten en groene apenappels. Die zijn zo hard dat we er later mee ge jeu-de-bouled hebben. De volgende dag is de depressie voorbij. De zon schijnt. Om half negen zijn we op het strand. André doet de eerste duik, op Bikini reef (vraag André waarom het zo heet), terwijl de meiden en ik – in bikini – de kou trotseren en de zee van 22 graden induiken. Daarna wisselen we om. Ik ga duiken en André bouwt een zandkasteel met de meiden. De duik is mooi, maar helaas is er slecht zicht door de flinke stroming. Ik word van voren en naar achteren geslingerd samen met de vissen. We zien een mooie trompetvis en een hele grote kreeftvis en nog heel veel gekleurde kleine rifvissen bij het koraal. De meiden snorkelen ook nog even heel kort – door de kou en golven – in de zee, maar zien wel een paar scholen vissen. Heerlijk genoten van het stranddagje, waarschijnlijk onze enige, want het zal alleen maar kouder worden richting Kaapstad.

We zijn vandaag – na de langste reisdag van onze vakantie – aangekomen op de Ardmore guestfarm in de Drakensbergen. Een prachtig boerderij complex. We hebben een cottage met twee verdiepingen, drie kamers, twee badkamers (één met jacuzzi!) , twee terrassen met uitzicht op de bergen, een open haard en WIFI (daarom nu ons eerste blog). Dit is echt genieten. Het is superkindvriendelijk met trampoline, schommels en ravotplekken in het gras en tussen de bomen. Langs het weggetje staat een bordje: “caution, children and dogs run freeâ€. Er spelen ook heel veel kinderen buiten. Om zeven uur gaat iedereen aan tafel en krijgen we een viergangendiner met wijn. ‘s Middags is er een high tea. Wat een verwennerij. We zijn nu twaalf dagen onderweg en bijna op de helft van onze vakantie. Dat komt goed uit, want we hebben bijna onze eerste voorleesboek uit van Carrie Slee, genaamd “Valsâ€. Het ritueel is dat we ’s avonds gezellig op bed een aantal hoofdstukken voorlezen. Inmiddels is het zo spannend, dat we ook overdag voorlezen, omdat we allemaal graag willen weten of Kai’s monster juf Suikertoetje gaat opeten. Op naar de tweede helft van onze reis en het tweede voorleesboek!



Op zoek naar Tom

Reisverslag Zuid-Afrika Posted on Sat, June 16, 2012 22:31:36

Nog drie weken, dan zijn we in Zuid-Afrika, het land waar het Nederlands elftal twee jaar geleden wel goed presteerde… De “vlak-voor-vertrek-stress†begint al toe te slaan. Tickets, route, slaapplekken en auto zijn al geboekt, dus eigenlijk hoeven we alleen nog maar in te pakken. Maar toch.. zo’n verre reis geeft toch wat extra kriebels.. De bestemming was dit jaar snel gekozen. De meiden hadden zo genoten van de natuur en dieren in Costa Rica, dat een safari ons wel heel erg leuk leek. Bovendien is de giraf het lievelingsdier van zowel Luna als Dille. Dus gaan de knuffelgiraffen “Tom en Tommetje†zeker mee op reis om hun soortgenoten op te zoeken.

De route was even puzzelen. Zuid-Afrika bleek toch stukken groter dan Bali, waar we vorig jaar waren. Uiteindelijk dus toch maar voor een binnenlandse vlucht van Durban naar Port Elizabeth gekozen. De route is nu als volgt: Johannesburg – Blyde River Canyon – Kruger Park – Swaziland – Sodwana Bay – Drakensbergen – Addo Elephant NP – Tsitsikamma NP – Knysna – Hermanus – Kaapstad. Een mooie route waar we bijna vier weken de tijd voor hebben. En we hopen natuurlijk mega veel dieren te zien: de Big Five, bultrug walvissen, pinguïns……

Op 3 maart gaf de zeer geslaagde VRMK (Verre Reizen met Kinderen) dag ons veel inspiratie en ook leuke suggesties voor overnachtingsplekjes. Het is ons bijna overal gelukt om kamers te reserveren waar we gezellig met zijn vieren in kunnen slapen. De bergschoenen zijn gekocht voor de meiden en ingelopen tijdens de Avondvierdaagse vorige week. Nu nog ons nog verder voorbereiden op de kleding, het is immers winter daar, dus deze reis zullen we wel wat warme kleren en een jas mee moeten nemen. We hoeven geen malaria medicijnen mee, alleen muggenwerende maatregelen in Kruger park, dat is wel fijn. Het aftellen is dus begonnen. Dinsdag viel het nieuwe tijdschrift van Geronimo Stilton in de brievenbus. Thema deze keer: safari in Zuid-Afrika. Hoe toevallig. Op deze manier komen de meiden ook al helemaal in de stemming!